Behandelproces

VORMGEVEN BEHANDELING

  1. Na de intake wordt de behandeling gestart. Afhankelijk van de indicatie, valt de patiënt binnen het zorgzwaartepakket kort, middel of intensief.
  2. Voor elke patiënt wordt in het kader van e-health een instructie gegeven om hiermee aan de slag te gaan, waarin met de patiënt afgesproken wordt welke modules voor hem/haar gelden. De patiënt is zelf verantwoordelijk voor het doorlopen van de modules.

ZORGZWAARTE KORT

Indien een patiënt geïndiceerd is voor zorgzwaarte kort betekent dit dat er een enkelvoudige klacht wordt behandeld waar maximaal 2 technieken voor hoeven worden aangeleerd of toegepast. Dit is mogelijk bij een enkelvoudig trauma of sommige specifieke fobieën.

STAPPEN:

  1. Intake
  2. Behandelplan tekenen en psycho-educatie
  3. Techniek 1
  4. Techniek 2/herhaling techniek 1
  5. Evaluatie en afronding

Aan dit zorgzwaartepakket wordt gemiddeld 296 minuten besteed.

ZORGZWAARTE MIDDEL

De meeste patiënten worden geïndiceerd voor zorgzwaarte middel. Er is sprake van een enkelvoudige diagnose volgens het classificatiesysteem van de DSM-V, maar ook van een disfunctionele copingstijl die de klacht in stand houdt. De behandeling richt zich op het verminderen van de klacht, maar ook op het aanleren van een functionelere copingstijl.

STAPPEN:

  1. Intake
  2. Behandelplan tekenen en psycho-educatie betreffende de klacht
  3. Patroonherkenning van de disfunctionele copingstijl
  4. Uitdagen van disfunctionele gedachten
  5. Omgaan met de negatieve emotie
  6. Omzetten van het patroon in gedrag
  7. Herhaling
  8. terugvalpreventie
  9. Evaluatie en afronding

Aan het zorgzwaartepakket middel wordt gemiddeld 500 min besteed.

ZORGZWAARTE INTENSIEF

  1. Patiënten worden geïndiceerd voor zorgzwaarte intensief wanneer er wel sprake is van een enkelvoudige diagnose volgens het classificatiesysteem van de DSM-V en een disfunctionele coping, maar er tevens sprake is van meerder complicerende factoren, waardoor de patiënt meer tijd nodig heeft om te herstellen en technieken meer herhaling vergen om door de patiënt eigen te worden gemaakt.
  2. Complicerende factoren kunnen zijn:
  • De klacht is ernstig en beheerst het dagelijks leven van de patiënt.
  • De klacht bestaat al lange tijd, of komt steeds terug.
  • Patiënt ervaart veel concentratieproblemen als gevolgd van de klacht.
  • Symptomen van andere bijkomende diagnoses, ondanks dat patiënt niet aan een tweede diagnose voldoet.
  • Bijkomende AS-4 problematiek.
  1. De behandeling binnen de zorgzwaarte intensief wordt op dezelfde manier vormgegeven als bij de zorgzwaarte middel, maar er wordt meer tijd genomen voor de stappen 3 t/m 6.

Aan het zorgzwaartepakket intensief wordt gemiddeld 750 min besteed.

OP- EN AFSCHALING

Tijdens de behandeling kan blijken dat de eerste indicatie niet passend is bij het verloop van de behandeling. Het kan zijn dat patiënten sneller opknappen dan verwacht, of langzamer opknappen dan verwacht. Een behandeling staat niet op zichzelf. Omgevingsfactoren kunnen tevens interfereren, waardoor een behandeling onverwachts langer of korter duurt. Op- en afschaling wordt met de patiënt besproken op de daarvoor bestemde evaluatiemomenten.

Evaluatiemoment kort: 5e gesprek
Evaluatiemoment middel: 5e en 8e gesprek
Evaluatiemoment intensief: 8e en 12e gesprek